DE VERDELING VAN ’S-GRAVENHAGE
126
van de Magistraat is uitgegaan, hetgeen ook nog betwij
feld kan worden, is dat feit niet opgetekend. Met voor
bedachten rade? Het vraagteken moet blijven staan, te
meer daar geen officieel bekend kaarttekenaar deze drie
plattegronden heeft vervaardigd. Alle drie zijn gesigneerd
„H. van der Poth”, dat is vrijwel het enige levensteken
van deze „cartograaf”, die ijverig de kaart van Gutteling
uit 1776 heeft gecopieerd. Nu treffen wij wel in 1805 een
bode en adjudant van de burgerij in den Haag aan, ge
naamd „Hendrick van der Poth”, welke ambten hem in
nauw contact brachten met de gehele burgerij van ’s-Gra-
venhage, maar het blijft een veronderstelling, dat deze
Hendrick van der Poth en onze tekenaar dezelfde per
soon is geweest, hoewel de veronderstelling voor de
hand ligt.
Wij mogen aannemen, dat deze drie plattegronden, zo
zeer op elkander aansluitend, en door dezelfde persoon
getekend, vrijwel tegelijkertijd of binnen een kort tijds
bestek zijn tot stand gekomen, met geen ander doel dan
om de Wijk-Canton- en Arrondissementsindeling duide
lijk voor ogen te stellen; misschien ten behoeve van een
particulier, wellicht ten dienste van de Magistraat. Te
voren werd er op gewezen, dat de periode van vervaar
diging binnen nauwe tijdsgrenzen kon worden bepaald.
Het feit, dat Lange en Korte Voorhout, Vijverberg en
Plein de namen van Napoleonslaan, Keizerinnelaan en
Plaats des Konings van Rome dragen, dat de Canton-
verdeling van 1811 wordt aangegeven en dat de naam van
Commissaris Le Jeune wordt vermeld op de kaart, die de
verdeling in Politie-arrondissementen vertoont, in plaats
van de naam van Commissaris von Sommerlatte, die 10
November 1812 door eerstgenoemde werd opgevolgd,
begrenst de tijd van vervaardiging dezer kaarten tot de
winter van 1812.